logo
Visueel Spraak Verstandelijk Aandachtstekort Leerstoornis Motorisch Auditief Autisme

home (ENG) licht matig ernstig

Onderwijs | Arbeidsmarkt |
Aandachtstekort>licht>Onderwijs>Kijken en kiezen

Kijken en Kiezen, leren lezen met picto's en klankgebaren

Bron: Folder 'Kijken en Kiezen, leren lezen met picto's en klankgebaren', www.kijkenenkiezen.nl, kijkenenkiezen@knowblesse.com Kijken en Kiezen is een digitaal leesspel dat de spelers stap voor stap inleidt in de wereld van het schrift. Vanaf het herkennen van picto symbolen tot het kunnen lezen van eenlettergrepige woorden, met een uitstapje op het eind van het spel naar een aantal nuttige signaalwoorden van meer dan een lettergreep.

Kijken en kiezen is in eerste instantie gemaakt voor leerlingen met een verstandelijke beperking. Het spel sluit naadloos aan bij de leesmethode die op de meeste scholen voor zeer moeilijk lerende kinderen wordt gebruikt: 'Lezen moet je doén', uitgegeven door de SLO. Maar ook kinderen zonder verstandelijke beperking zullen dit spel graag spelen. Daarom is dit spel ook geschikt voor kleuters. Het spel kan dan gebruikt worden als voorloper op de leesmethode die op de basisschool wordt gebruikt. Er is ook een versie voor volwassenen.

Het is een spel waarmee leerlingen met een verstandelijke beperking op een speelse en onopvallende wijze worden verplicht om het leesproces op de juiste manier aan te pakken. Het spel is zo vormgegeven dat de speler eerst de leesopdracht moet lezen voordat de plaatjes waaruit gekozen kan worden op het scherm verschijnen. Hieruit kiest de speler het plaatje dat bij de leesopdracht past en klikt dat aan. Dus steeds: eerst kijken en dan kiezen. De opklimming in moeilijkheidsgraad bestaat uit kleine stapjes. Eenvoud en variatie in de herhaling zorgen ervoor dat de speler veel oefenstof krijgt en het spel toch leuk blijft vinden. Het is nooit te moeilijk, omdat de speler altijd stemhulp kan vragen. Kijken en Kiezen heeft een afzonderlijk leerkrachtdeel, waarbinnen de administratie gevoerd kan worden. Dit is het leerlingvolgsysteem. Ook kan de leerkracht in dit deel middels allerlei instellingen het programma aanpassen aan de individuele behoeften van de speler, bijvoorbeeld de speeltijd, het startniveau of verplicht herhalen als de leerling te snel gaat en daardoor teveel fouten maakt. De opbouw Het spel kent drie modules: De blauwe module gaat over pictolezen De gele module behandelt de letters De groene module bevat eenvoudige leesstof voor beginnende lezers. De blauwe module In de opbouw van dit programma wordt de natuurlijke ontwikkeling van het schrift gevolgd. Dat wil zeggen dat de speler begint met het lezen van picto?s. Dat zijn sterk gestileerde plaatjes die een bepaald woord vertegenwoordigen. We noemen dit pictolezen. Met dit pictolezen maakt de speler op eenvoudige wijze kennis met de schriftelijke taal. De speler leert spelenderwijs dat tekst een betekenis heeft en ook leert hij de juiste leesrichting (van links naar rechts) te volgen. Het pictolezen wordt opgebouwd vanuit het enkelvoudige woorden. In dit geval zijn dat de namen van de personen die in het spel voorkomen: Joop, Miep, vader, moeder, opa en oma (niveau 1). Meteen daarna wordt een aantal werkwoorden aangeboden en kan de speler tweewoordzinnen gaan lezen (niveau 2). Zo wordt het pictolezen steeds verder uitgebreid tot aan het achtste niveau. De speler is dan in staat om meer dan 170 picto's te benomen en kan pictozinnen lezen met een lengte van zes woorden, zoals bijvoorbeeld: de uil vliegt uit de toren. De gele module Vanaf het 9de niveau werkt de speler vanuit het gele tabblad. De speler maakt nu kennis met de letters. Deze worden aangeboden met behulp van het gebarenalfabet van Mme Borel-Maisonny, op dezelfde manier als in de leesmethode 'Lezen moet je doén'. Hierin worden de letters aangeboden in vier groepen. Zo ook in dit leesspel (niveau 9, 11, 13 en 15). Na elke groep letters komt er meteen een serie leesoefeningen waarmee de speler de letters ook in echte woorden kan oefenen. Dit gaat via de weg van het spellend lezen. Er zijn dan ook veel klanksynthese opdrachten te vinden in dit spel (niveau 10, 12, 14 en 16 t.e.m. 19). Bij elk woord kan de speler om stemhulp vragen. De computer zal met eindeloos geduld steeds weer de klanken herhalen en aaneenrijgen tot een betekenisvol woord. De speler die de syntheseondersteuning niet meer nodig heeft, kan de leesopdrachten ook zonder stemhulp uitvoeren. De groene module Vanaf niveau 16 wordt het pictoschrift nauwelijks meer gebruikt. De speler maakt nu kennis met vierletterwoorden en met enkele leesproblemen waar een startende lezer mee te maken krijgt, bijvoorbeeld woorden die eindigen op -uw of beginnen met sch-. Niet alle leesproblemen komen in dit spel aan bod. Speciale oefeningen bijvoorbeeld van woorden die eindigen op -d of op een open lettergreep (vla) zijn er niet bij. Ook zijn in dit spel geen leesoefeningen opgenomen van twee- of meerlettergrepige woorden. Wel staan er in het laatste spel (niveau 20) woorden die meer lettergrepen hebben en niet klankzuiver zijn. In dit niveau oefent de speler woorden als chips, cola, suiker, koffie en chocola. Het zijn de nuttige woorden die een leerling met een verstandelijke beperking kunnen helpen om het nut van het lezen in de praktijk te kunnen brengen (b.v. boodschappen doen). Want juist voor deze groep spelers is dit spel in eerste instantie gemaakt! Hoe het spel werkt Kijken en kiezen heeft een uniforme werkwijze bij alle oefeningen: eerst wordt er een leesopdracht gegeven. De speler kan daarbij om stemhulp vragen. Als de leesregel gelezen is klikt de speler op de punt aan het einde van de zin. Dan verschijnen er drie plaatjes. Een van deze plaatjes past bij de leesopdracht. Als de speler dit plaatje aanklikt wordt hij beloond met een goudgele kleur in het plaatje en een groen balletje onderin het scherm. Dan verschijnt er een nieuwe leesopdracht. Wordt er een verkeerd plaatje aangeklikt, dan vergrijst dit plaatje en heeft de speler nog een kans. Klikt hij weer een fout plaatje aan, dan vergrijst dit ook en wordt de leerling gedwongen om nu het juiste plaatje aan te klikken. Vanaf niveau 3 zijn er steeds 40 leesopdrachten om het niveau te oefenen. In het eerste en tweede niveau zijn er nog te weinig woorden om 40 opdrachten mee te bedenken. Niveau 1 bevat 10 leesopdrachten en niveau 2 heeft er 20. ER wordt steeds gewerkt in series van 10 leesopdrachten. Deze corresponderen met de 10balletjes onderin het scherm. Zodra de 10 leesopdrachten van een serie zijn gedaan, wordt er een pyloon geplaatst met extra informatie. Zo heeft de leerkracht doorlopend zicht op het niveau waar de speler zich in bevindt. Bij het programma behoort een geavanceerd leerlingvolgsysteem. Zo is precies te zien welke fouten de leerling maakt, en hoe snel hij of zij klikte. Een sterk instrument voor diagnose. Voor meer informatie, kijk op www.kijkenenkiezen.nl.

<<   1  2  3  4  5  6  7  8  9  10  11  12  13  14  15  16  17  18  19  20  21  22  23  24  25  26  27  28  29  30  31  32  33  34  35  36  37  38  39  40  41  42  43  44  45  46  >>

You need the Adobe Flash player to view this site properly...

You can...

powered by verso - next generation e-branding