|
Visueel
Spraak
Verstandelijk
Aandachtstekort
Leerstoornis
Motorisch
Auditief
Autisme
|
home (ENG) hardware software andere |
| Onderwijs | Arbeidsmarkt | |
De computer als compenserend hulpmiddel voor kinderen met ernstige dyspraxie (DCD)
Bron: Remediaal, tijdschrift voor leer- en gedragsproblemen in het vo/vbe Auteurs: Wim De Backer, Marleen Meermans, Veerle Van Cauwenberg Bij leerlingen met ernstige dyspraxie wordt de computer steeds vaker ingeschakeld als compenserend hulpmiddel. De computer heeft immers de laatste jaren steeds meer te bieden voor deze doelgroep. Zowel de gebruikers zelf als hun ouders en leerkrachten zijn optimistisch. Deze tekst beschrijft de mogelijke hulpmiddelen (hardware en software) en staat stil bij hun voor- en nadelen. Inleiding De afkorting DCD staat voor Developental Coordination Disorder. Bij deze ontwikkelingsstoornis zijn er in het algemeen problemen bij de coördinatie van bewegingen. Bij kinderen en jongeren in de schoolse situatie valt vooral op dat ze moeite hebben met fijnmotorische vaardigheden. Schrijven kan voor hen dan ook een groot probleem zijn. het kost hen veel moeite en het gaat ook veel trager dan bij klasgenootjes. Bovendien blijkt het geschreven achteraf vaak zeer moeilijk leesbaar, wat extra frustraties oplevert. In de huidige maatschappij waar sprake is van een vergaande digitalisering, is het niet verwonderlijk dat steeds meer mensen bij het onafhankelijke adviescentrum MODEM terechtkomen met vragen rond DCD en computergebruik. Kan computergebruik een oplossing bieden voor de problemen van dit kind? Zijn er aanpassingen nodig aan de computer? Welke computerprogramma?s zijn geschikt voor schools gebruik? Bestaat er een mogelijkheid tot terugbetaling? Typen vs. schrijven Op de vraag of computergebruik aan te raden is bij kinderen en jongeren met een ernstige vorm van DCD antwoordt MODEM volmondig ja. het werken met een computer betekent echter niet dat het schrijven volledig wordt opgegeven. Beide mogelijkheden kan men perfect combineren, mits er goede afspraken gemaakt worden. Zo kan men kiezen om langere teksten zoals opstellen en dictees op de computer te maken, terwijl losse woorden nog worden geschreven. Men kan ook ervoor kiezen om alle tekst te typen enkel bij wiskundige vakken de pen te gebruiken. Dit alles hangt af van de mogelijkheden van het kind en de schoolse eisen die bij zijn ontwikkelingsleeftijd horen.
PC, laptop of notitietoestel? Wanneer men beslist de computer in te schakelen, rijst de vraag welk type computer te gebruiken. Kiest men voor een vaste computer of een laptop? Of is een tekstverwerker of notitietoestel beter geschikt? Ook hier moet men een afweging maken. De vaste computer heeft als voordeel dat hij direct bruikbaar is. Men hoeft deze niet mee te nemen en er hoeven geen kabeltjes aangesloten en losgekoppeld te worden. Eén druk op de powerknop volstaat om te starten. Wanneer een leerling in verschillende klaslokalen les moet volgen, kan dit natuurlijk een probleem opleveren. Er moet dat immers in elk lokaal een vaste pc aanwezig zijn. in het verleden werd ook het probleem van dataoverdracht als belangrijk nadeel aangehaald. Dit is nu grotendeels opgelost door de opkomst van de populaire USB-geheugenstick. Op deze kleine staafjes kan men tegenwoordig tot enkele gigabytes aan gegevens opslaan, wat ruim voldoende is voor schools gebruik.
In 2006 werden in België voor het eerst meer laptops verkocht dan vaste pc's. het prijsverschil tussen deze twee groepen computers wordt namelijk steeds kleiner. Het is daarom niet verwonderlijk dat de vraag wordt gesteld of men niet beter voor een draagbaar exemplaar kiest. Tegenover het grote, evidente voordeel van de mobiliteit van de laptop staan een aantal minpunten. Het kind moet elke dag met een duur toestel heen en weer tussen thuis en school? of er moet in de school een veilige opbergplaats worden gevonden. Hierbij is het gevaar van diefstal, schermbreuk of andere schade niet gering. Verder dient de computer bij aankomst op school en bij aankomst thuis opnieuw te worden aangesloten. Verandert het kind van klas, dan moet deze installatieprocedure nog een keer extra worden uitgevoerd. Een ander nadeel is het gebrek aan ergonomie bij het werken aan een laptop. Een kind met DCD zal zeer waarschijnlijk gemakkelijker werken met een apart toetsenbord en een aparte muis, waardoor de leerling nog meer apparatuur moet meenemen en nog meer kabeltjes moet aansluiten en loskoppelen. Als derde optie zou men ook kunnen kiezen voor een notitietoestel zoals de Neo van de fabrikant Alphasmart. Dit is een lichte, robuuste en gemakkelijk meeneembare tekstverwerker.
De Neo bestaat uit een toetsenbord en een scherm met vier tot zes tekstregels. De toetsen hebben dezelfde grootte als dit van een normaal toetsenbord, alleen zijn het er iets minder. In het toestel kunnen acht verschillende documenten bewaard worden die samen tot 100 pagina's tekst kunnen bevatten. Ingetypte tekst wordt automatisch opgeslagen zonder dat extra toetsencombinaties of dergelijke nodig zijn. men kan dit toestel na gebruik dus gewoon uitzetten en de tekst wordt bewaard.
Via een USB-kabel kunnen teksten zeer snel worden uitgewisseld met een computer en dit in beide richtingen. men kan dus bijvoorbeeld 's avonds alle teksten van die dag overzetten op een computer en eventuele voorbereidingen voor de volgende dag op de Neo plaatsen. op die manier kan het werken met dit toestel eenvoudig worden gecombineerd met het gebruik van de vaste computer of laptop. Het ene sluit het andere dus zeker niet uit. De Neo beschit daarnaast over een USB-poort waarmee het toestel rechtstreeks op een printer kan worden aangesloten. Verder werkt het toestel op drie alkaline batterijen die 700 uur meegaan. De levensduur van de batterijen wordt verlengd doordat de Neo automatisch uitschakelt na enkele minuten van inactiviteit. Indien de fijnmotorische vaardigheden van de leerling uiterst beperkt zijn, is het bovendien mogelijk het toetsenbord te voorzien van een toetsenbordrooster De hand kan dan op dat rooster rusten en de kans op foutieve aanslagen wordt zo sterk gereduceerd. Naast de Neo bestaat er van dezelfde firma nog een uitgebreider toestel: de Dana. Deze Dana heeft een groter scherm, waarmee het beter mogelijk is aandacht te besteden aan de layout van teksten. Meer informatie over beide toestellen kan men vinden op http://nederland.alphasmart.info/. Daar vindt men ook een lijst met de verkooppunten van deze producten in Nederland. De richtprijs voor de Neo bedraagt 300 à 400 euro. Typen Wanneer men de computer wil gebruiken als schrijfhulpmiddel, moet de leerling natuurlijk wel kunnen typen. Dit roept ook vragen op, want als schrijven al motorische problemen geeft, hoe moet je dan leren typen? Die ongerustheid is in zekere mate terecht. Een kind met DCD heeft moeilijkheden met motorische automatisatie en vingerdifferentiatie, wat ook bij klassieke typemethodes moeilijkheden kan opleveren. Dit mag echter geen argument vormen om niet te werken met de computer. Eerst en vooral is het belangrijk tijdig te starten met computergebruik, zonder al te veel aandacht voor correct typen of 'blind' typen met tien vingers. Dit kan gaandeweg worden ingevoerd wanneer de leerling meer vertrouwd is met het toetsenbord.
Een voorbeeld van een kindvriendelijke, klassieke typemethode is de software TypExpert Junior. Op een speelse manier wordt het typen met tien vingers aangeleerd. Hierbij wordt gebruikgemaakt van vingeroefeningen, oefenteksten, dictees en spelletjes. De leerling krijgt feedback via aangepaste animaties en er worden statistieken en rapporten van zijn vorderingen bijgehouden. Het programma kost ongeveer 10 euro en is verkrijgbaar bij Stichting Edupro (www.edupro.nl) of in de grotere computerwinkel.
Specifiek voor leerlingen met DCD werd in Vlaanderen twee jaar geleden de typemethode TypTien ontwikkeld door personen met veel meer ervaring met deze problematiek. Deze methode is gebaseerd op het uitgangspunt dat voor het automatiseren van typen bij deze kinderen herhaling niet volstaat. De letters en letterposities worden eerst aangeleerd met behulp van gemakkelijk te onthouden zinnetjes en andere trucjes. Op die manier wordt het leren typen ondersteund door extra cognitieve processen. Verder gaat men uit van een verticale leermethode en niet van een horizontale zoals bij de meeste typeprogramma's. Het voordeel hiervan is dat men telkens de letters per vinger aanleert en niet een rij letters, voor elke letter één. Voor meer informatie over de aspecten van deze typemethode, zie www.psychomotoriek.be. Muis en toetsenbord Afhankelijk van de ernst van de motorische problemen, kan het nodig zijn aanpassingen te doen aan het toetsenbord en/of de muis. Voor een vlotte bediening van de muis moet men in staat zijn de muiscursor gericht te bewegen en deze vervolgens ter plaatse te houden terwijl men een klikbeweging uitvoert. Vooral dit laatste vergt een goede coördinatie en differentiatie. Wanneer die te moeilijk blijkt, kan men de klassieke muis eventueel vervangen door een zogenaamde trackball. Een trackball kan men beschouwen als een omgekeerde muis. Bij de oudere generatie muizen zit deze bal bovenop. Door met de vingers het balletje te bewegen, wordt de cursor op het scherm verplaatst. Om een muisklik uit te voeren, laat men het balletje los en klikt men op de gewenste muisknop. Op die manier worden bewegen en klikken twee verschillende acties. Die is voor leerlingen met DCD een aangename vereenvoudiging.
Eén van de vele voorbeelden van een trackball is de Logitech Marble. Deze muis heeft helaas een niet onbelangrijk nadeel. Het rode balletjes kan men op eenvoudige wijze uit de trackball nemen. Op deze wijze wordt het balletje voor sommigen al snel een projectiel. Deze trackball is verkrijgbaar in de grotere computerwinkel en kost ongeveer 35 euro.
Aanpassingen aan de muis hoeven echter niet altijd geld te kosten. Wanneer de knoppen van de muis niet duidelijk genoeg zijn voor de leerling, kan men bijvoorbeeld gekleurde stickers op de knoppen aanbrengen. Een laagje doorschijnende nagellak voorkomt dat de stickers vuil worden of snel loskomen. Heeft de leerling moeite de muis gericht te bewegen, dan kan het zijn dat de muiscursor gewoon te snel beweegt. Via het configuratiescherm kan men eenvoudig deze snelheid verlagen. Het wordt zo veel eenvoudiger de muis gecontroleerd te sturen. Ook voor het toetsenbord kan men via het configuratiescherm enkele eenvoudige aanpassingen maken. Kies hiervoor bij 'Toegankelijkheidsinstellingen' het tabblad 'Toetsenbord'. Met behulp van de optie 'Plaktoetsen' kunnen toetsencombinaties worden gevormd zonder dat de leerling meerdere toetsen gelijktijdig moet indrukken. Via 'Filtertoetsen' kan men voorkomen dat: Snel opeenvolgende aanslagen van eenzelfde toets worden geregistreerd, Men een hele reeks tekens typt wanneer men een toets te lang indrukt, Een teken wordt getypt wanneer men per ongeluk even een toets aanraakt. Filtertoetsen maken het toetsenbord als het ware minder gevoelig voor foutjes van de gebruiker. De leerling met DCD kan hierdoor op een efficiëntere en aangenamere manier met het toetsenbord werken. Vergelijkbare instellingen als plak- en filtertoetsen kunnen ook op de Neo worden ingesteld.
Wanneer de leerling moeite heeft letters terug te vinden op het toetsenbord, kan met zelfklevende etiketten gebruiken om het toetsenbord te verduidelijken. Men kan bijvoorbeeld de toetsen per vinger een bepaald kleur geven, ongebruikte toetsen afplakken of grote letters op de toetsen plakken. Ook hier voorkomt een laagje doorschijnende nagellak dat de etiketten vuil worden of snel loskomen. In de handel zijn eveneens toetsenbordstickers te koop. Prijzen variëren van 5 tot 25 euro.
Een alternatief voor etiketten of stickers is de KidGlove. Dit is een soepele hoes die over het toetsenbord heen wordt geplaatst en waarop aan de binnenzijde allerlei verduidelijkingen kunnen worden geplakt. Men kan meegeleverde stickers gebruiken of ook hier eigen etiketten onder de hoes plakken. De KidGlove heeft als belangrijk voordeel dat je de hoes met één beweging kan plaatsen en verwijderen, dit in tegenstelling tot de etiketten die je op de toetsen zelf plakt. De KidGlove moet met een bijhorend toetsenbord worden aangekocht omdat de hoes perfect moet aansluiten op de toetsen. De KidGlove kost ongeveer 50 euro.
Volstaan kleine aanpassingen aan het toetsenbord niet, dan moet men opteren voor een aangepast exemplaar. Een voorbeeld hiervan is het Clevy toetsenbord. Clevy is een robuust toetsenbord met grote, gekleurde toetsen. De letters op de toetsen zijn vergroot en het lettertype op de toets komt overeen met een veelgebruikt font in het lees- en schrijfonderwijs. Hierdoor herkennen leerlingen de tekens gemakkelijker. Het toetsenbord bevat minder toetsen dan een regulier toetsenbord: toetsen die men zelden of nooit nodig heeft, zijn weggelaten. De richtprijs voor het toetsenbord bedraagt 90 euro.
Het gebruik van bijzondere hulpmiddelen (hardware) kan in de praktijk het beste worden beperkt tot het hoogst noodzakelijke. Naast het feit dat men deze aangepaste apparaten steeds moet meenemen, vallen ze ook op. Dit laatste is voor de leerling met DCD niet aangenaam, zeker omdat deze door zijn beperking reeds het gevoel kan hebben zich in een uitzonderingspositie te bevinden. Ten slotte zal het veelal de bedoeling zijn op termijn toch de gewone computerbediening te hanteren. Deze overschakeling kost meer moeite wanneer men daarvoor lange tijd met aangepaste materialen heeft gewerkt. Het is dus belangrijk een bewuste en goed geïnformeerde keuze te maken wanneer het gaat om aangepaste bediening. Software Als men bestluit te werken met de computer rijst onmiddellijk de vraag met welke programma?s (software) moet worde gewerkt. Dit hangt af van de toepassingen waarvoor de computer zal worden gebruikt. Gaat het om een opstel of een dictee, dan kan men een gewone tekstverwerker gebruiken, zoals Microsoft Word of OpenOffice Writer. Wil men echter werkblaadjes invullen met de computer, dan wordt het iets lastiger om een standaardprogramma te gebruiken. Men moet immers op een digitale versie van dit blaadje kunnen werken. Een mogelijke oplossing hiervoor is het computerprogramma Textease CT. In deze polyvalente tekstverwerker kan men eenvoudig een ingescande afbeelding op de achtergrond van het werkblad plaatsen en vervolgens op een willekeurige plaats in het document klikken en typen.
Met het oog op invullen van werkbladen biedt dit programma nog meer mogelijkheden: De leerling kan het juiste antwoord omcirkelen of juiste antwoorden verbinden met lijntjes. De ouder of leerkracht kan tekstvakken aanmaken en deze in correcte volgorde aan elkaar linken zodat de leerling de muis niet hoeft te gebruiken. Er kan gewerkt worden met een 'Wordbank', een lijst van woorden, zinnen of figuren waaruit de leerling zijn antwoord kiest. Door klikken of slepen wordt de tekst of de figuur in het werkblaadje ingevoegd. De ouder of leerkracht kan bij het werkblaadje een tekstvakje met uitleg plaatsen of een boodschap inspreken. Met kan eenvoudige animaties maken, bijvoorbeeld als beloning. De ouder of leerkracht kan een link naar de volgende oefening maken d.m.v. bijvoorbeeld een prentje.
Voor het vervolg, klik hier.
You need the Adobe Flash player to view this site properly... You can...
|